Aa Lettergrootte
16
 
Middelen bij ooraandoeningen tijdens de borstvoedingsperiode
Overzicht

De meeste oordruppels kunnen gebruikt worden tijdens de borstvoeding. De voorkeur gaat uit naar de oudere middelen omdat daar meer ervaring mee is opgedaan.

Let op
Vermijd het gebruik van chlooramfenicol oordruppels, deze hebben mogelijk een nadelig effect op de zuigeling.

Risico indeling
  • Meest veilig Dit geneesmiddel is -binnen deze groep- de veiligste keuze voor gebruik tijdens de borstvoedingsperiode. Er is, in onderzoek of in de praktijk, geen verhoogd risico gevonden op nadelige effecten voor de zuigeling of op de melkproductie.
    • - azijnzuur
    • - bacitracine
    • - dexamethason
    • - fludrocortison
    • - flumetason
    • - framycetine
    • - gramicidine
    • - hydrocortison
    • - lidocaine
    • - miconazol
    • - triamcinolon
    • - waterstofperoxide 3%
  • Waarschijnlijk veilig Dit geneesmiddel kan gebruikt worden tijdens de borstvoedingsperiode. Maar indien mogelijk heeft een geneesmiddel uit de categorie ‘Meest veilig’ de voorkeur. Bijvoorbeeld omdat er minder van dat middel in de melk terechtkomt of omdat er meer onderzoek naar is gedaan (zie tekst ‘Meer weten’).
    • - aluminiumacetotartraat
    • - clioquinol
    • - colistine
    • - neomycine
    • - ofloxacine
    • - oxytetracycline
    • - polymyxine b
  • Mogelijk risico Dit geneesmiddel kan via de melk mogelijk nadelige effecten geven bij de zuigeling. Overweeg of een veiliger middel gebruikt kan worden. Als dat niet kan, weeg dan de mogelijke nadelige effecten af tegen het belang van borstvoeding voor het kind. Voer extra controles uit bij het kind of ga over op flesvoeding.
    • - chlooramfenicol

Geneesmiddelopname via oordruppels
De absolute hoeveelheid actieve stof die in het oor wordt toegediend, is zeer klein. Daarnaast is de systemische resorptie vanuit de gehoorgang over het algemeen gering.  De hoeveelheid geneesmiddel die in het lichaam wordt opgenomen, is zo laag dat een effect via de borstvoeding op het kind onwaarschijnlijk is. Naar de veiligheid van het gebruik van de meeste oordruppels tijdens de borstvoeding is echter weinig onderzoek gedaan.

Chlooramfenicol
Chlooramfenicol gaat over in de moedermelk. Bij systemisch gebruik van chlooramfe­nicol door de moeder zijn nadelige effec­ten voor zuigelingen beschreven, zoals braken, gasvorming in de darmen, weigeren van de borst en in slaap vallen tijdens de voeding. Bij gebruik bij kinderen kan beenmerg­depressie en het grey-babysyndroom (asgrijze huidskleur/cyanose, gezwollen buik, hypothermie, lethargie, cardiovasculaire collaps en ademhalingsdepressie) voorkomen. Het is niet waarschijnlijk dat deze effecten bij gebruik van oordruppels optreden na bloot­stelling via de moedermelk. Toch is het beter het gebruik van chlooramfenicol oordruppels tijdens de borstvoeding te vermijden.

Laatst bijgewerkt op 20-02-2019


De informatie op deze pagina is gebaseerd op gebruik van het geneesmiddel in de aanbevolen dosering, zonder dat de patiënt daarbij andere geneesmiddelen gebruikt. Welk geneesmiddel de beste keuze is, kan per persoon en per situatie verschillen. Daarom is goed overleg tussen zorgverlener en patiënt essentieel. Bij elke zwangerschap is er een basisrisico van 10 tot 15% op een miskraam en van 2 tot 4% op het krijgen van een baby met een aangeboren afwijking. De informatie bij zwangerschap gaat over de vraag of dit risico groter wordt door gebruik van het geneesmiddel. De informatie over borstvoeding is gebaseerd op het mogelijke risico voor de zuigeling, uitgaande van een gezonde, voldragen baby van 0 tot 2 maanden. Bij een te vroeg geboren, kleine, lichte of zieke baby moet men extra voorzichtig zijn. Een oudere zuigeling is juist minder kwetsbaar.